Beeldhouwwerken van Alexander de Grote

Beeldhouwwerken van Alexander de Grote

Inleiding:
Het is moeilijk te geloven dat 2300 jaar geleden een legeraanvoerder het lukte om het grootse rijk ooit te kunnen veroveren. Toch lukte Alexander van Macedonië dat.
Voordat Alexander echter geboren was, was er al een land dat door de gehele wereld als “supermacht” werd aangetekend, namelijk het Rijk van de Perzen. In 550 voor Christus had Cyrus die ook net als Alexander als “de Grote” werd betiteld een machtig rijk veroverd.
Het strekte zich uit van India in het oosten, de woestenijen in Arabië in het zuiden, de Hellespont in het westen en de Kaukasus in het noorden. Zijn zoon Cambyses veroverde Egypte er ook nog bij. Na dit te lezen, krijg je al misschien een idee van de absurditeit van dit verhaal. Hoe kon het nou gebeuren dat een klein landje als Macedonië controle krijgt over een zeer groot gebied? Deze probleemstelling heb ik mijn eerste essay geprobeerd te beantwoorden. Alexander was een machtige persoonlijkheid, die door de hele Griekse wereld als god vereerd werd. Daaruit vloeide een persoonlijkheidscultus voort, die een bepaalde bouwkunst achterliet. In mijn tweede essay heb ik het daarover gehad.
In dit derde essay wordt geprobeerd een verband te trekken met Alexander de Grote en de beeldhouwkunst in de Hellenistische periode.
Probleemstelling: Wat heeft Alexander de Grote te maken met de beeldhouwkunst dat in de Hellenistische Periode bedreven werd?
Om deze probleemstelling te beantwoorden zal er een aantal deelvragen beantwoord moeten worden, want om echt te kunnen begrijpen wat Alexander en beeldhouwkunst gemeen hebben, moet eerst gekeken worden naar de stijl van de beeldhouwkunst dat in de tijd van Alexander bedreven werd.
Deelvraag 1: Hoe zag beeldhouwkunst eruit in de Hellenistische periode?
Wanneer goed begrepen wordt hoe een Hellenistisch beeldhouwwerk eruit kwam te zien, kan er naar een voorbeeld van een beeldhouwwerk gekeken worden van Alexander zelf, die zal ik dan proberen te beschrijven.
Deelvraag 2: Hoe ziet een beeldhouwwerk van Alexander de Grote in de Hellenistische periode eruit?
Met deze twee deelvragen hoop ik tot een antwoord op mijn probleemstelling te komen. Dat zal gebeuren aan het eind van mijn essay in de conclusie. Alle bronnen zullen ten slotte in de bronvermelding vermeld worden.
Mijn ouders komen uit Perzië, maar ik ben zelf in Rotterdam geboren. Daarom heb ik als (half) Perziër veel interesse in de geschiedenis van mijn vaderland. Het geeft mij ook de mogelijkheid om dit essay beter te kunnen maken, omdat Alexander nauw verwant is met het Perzische Rijk. Mede door deze bijzonderheid hoop ik dat dit een zeer goed essay wordt.

Deelvraag 1:
Hoe zag beeldhouwkunst eruit in de Hellenistische periode?

Hellenisme is een begrip voor zowel een periode in de geschiedenis als voor een type beschaving. Het woord stamt af van 'Hellas', in het begin de naam voor een deel van Thessalië in het oude Griekenland, later voor Midden-Griekenland en nog later voor Griekenland als geheel. Men noemt 'hellenisering' dan ook wel 'vergrieksing'.
De eerste die de term 'hellenisme' gebruikte was de Duitse historicus professor Johann G. Droysen (1808-1884).
Aanvankelijk bedoelde men met 'hellenisme' de beïnvloeding van een andere beschaving door de Griekse beschaving, zonder dat het de andere cultuur helemaal in zich opnam. Later duidde men er de vermenging van Griekse en Oosterse en Midden-Oosterse beschaving mee aan. Ook de westerse beschaving vertoont kenmerken van het hellenisme.
De periode waarin het hellenisme overheerste begon na de veroveringen van Alexander de Grote, die naar het oosten en zuiden toe een groot rijk stichtte (ca. 334 - 330 v. Chr.) dat grotendeels bestond uit het vroegere Perzische Rijk en waarin de Griekse taal de lingua franca werd; van Macedonië tot in Egypte en van Zuid-Italië tot in het noordwesten van India werd Grieks gesproken. De belangrijkste rijken in het hellenistische cultuurgebied waren het rijk der Seleuciden in Syrië en dat der Ptolemaeën in Egypte. Als eindpunt wordt de Romeinse verovering, in het bijzonder van Egypte, genomen (30 v. Chr.), al bleef het Grieks ook nadien in de oostelijke helft van het Romeinse Rijk de overheersende taal. Hellenistische invloeden strekten zich uit tot handel en verkeer, literatuur, wetenschap, filosofie en de kunst, waaronder bouwkunst en beeldhouwkunst. Kenmerken van het hellenisme waren, onder meer internationalisering (onder meer in handel en verkeer), systematisering (stedenbouw), realisme (algemeen in de kunst) en individualisme (portretkunst).
Onder beeldhouwkunst in ruime zin verstaan wij de kunst vorm te geven aan vaste materie.
Beeldhouwkunst wordt gekenmerkt door vrijstaande kunst en reliëf.
In de Hellenistische tijd is de kunstenaar alle technieken meester en richt hij zijn aandacht op expressie en realisme. Direct gevolg hiervan zijn de uitbeelding van emoties en de bijzondere aandacht voor het persoonlijk portret: de afgebeelde is dan een authentiek persoon geworden.
onderwerpen uit het dagelijks leven, zoals atleten, vechtende soldaten, vrouwen met kinderen en dienaressen, treurenden aan het graf. De aard van de onderwerpen brengt met zich mee dat de afgebeelde figuren geïdealiseerd worden. De portretkunst met haar drang tot realisme komt tijdens het Hellenisme opzetten.
Belangrijke beeldhouwers zijn Myron, Pheidias, Praxiteles, Polykleitos en Lysippos.

Deelvraag 2:
Hoe ziet een beeldhouwwerk van Alexander de Grote in de Hellenistische periode eruit?

Het was moeilijk om een geschikt beeldhouwwerk uit te zoeken, vooral omdat er een grote verscheidenheid aan beelden op het internet te vinden is en omdat veel beelden niet geschikt zijn. Toch heb ik er een gevonden. Het is een zeer gehavend sculptuur, gevonden op de bodem van de Egeïsche Zee. Je kunt hem tegenkomen in het Villa Giulia Nationaal Museum te Rome. Omdat eigenlijk niemand weet hoe Alexander de Grote er echt uitziet, kunnen we nooit zeker weten dat het echt een beeld van Alexander is.

Het is gemaakt van brons en in de Hellenistische periode. Wanneer precies weten we niet. De Hellenistische periode begint vanaf de dood van Alexander op 323 voor Christus en eindigt op 31 voor Christus. Alexander heeft een gedraaide houding en heeft een uitdrukkingsloos gezicht. Een van de benen staat naar voren gebogen en de ander is juist naar achteren gebogen. Net zoals veel andere beelden is Alexander naakt. Het heeft kort krullend haar en het hoofd is met het lichaam mee gedraaid. Helaas heeft het beeld door de geschiedenis heen allevier de ledematen verloren. Veel meer valt er over dit beeld niet te zeggen.

Conclusie:
Probleemstelling: Wat heeft Alexander de Grote te maken met de beeldhouwkunst dat in de Hellenistische Periode bedreven werd?
Alexander de Grote heeft veel bereikt in zijn leven. Het is hem gelukt een zeer groot rijk te veroveren van een geduchte tegenstander en hij heeft twee culturen vermengd waardoor het Hellenisme gevormd is. Het hellenisme heeft op alle lagen van de kunst invloed, dus ook op het gebied van de beeldhouwkunst. Zonder Alexander zou de beeldhouwkunst er dus erg anders uitzien, zowel in de Hellenistische periode, als in onze tijd. Daardoor is het begrijpelijk dat veel beeldhouwers Alexander als voorbeeld nemen, om een beeldhouwwerk te maken.
Dat is ook precies het punt wat Alexander verbind met beeldhouwkunst:
•Er zijn veel beelden gemaakt over Alexander in de Hellenistische periode.
•Alexander heeft door de cultuurvermenging van Oosters en Grieks een `upgrade` gegeven aan de beeldhouwkunst.
Alexander heeft aan de beeldhouwkunst een grandioze bijdrage geleverd, niemand anders zal het meer lukken in de geschiedenis. Dat maakt hem belangrijk in de beeldhouwkunst.

Ik hoop dat u genoten heeft van dit essay.

Bronnenlijst:
Boeken:
•T.B.L. Webster & Titia Jelgersma: Het Hellenisme.
•Alexander de Grote van Kees de Graaf.

Internetsites:
•http://nl.wikipedia.org/wiki/Hellenisme
•http://www.talariaenterprises.com/product_lists/greek_marble_bust.html
•http://sangha.net/messengers/alexander/best.htm